Grote foto met reizigers

Menu


Advies vervoersplannen 2018 bij opening Noord/Zuidlijn

Reeds meermalen uitgesteld, maar 22 juli 2018 zal dan uiteindelijk de Noord/Zuidlijn van start moeten gaan. Op die datum zal het gehele vervoersnet van Amsterdam veranderen, de zogenoemde Big Bang. Voornamelijk trams gaan andere routes rijden en sommige krijgen ook andere nummers of worden opgeheven. GVB bussen in het stadsdeel Amsterdam Noord rijden niet meer door naar het Centraal station; van de streekbussen zal 30% doorrijden naar Amsterdam Centraal station terwijl de overige 70% zal aansluiten op één van de twee metrohaltes van de Noord/Zuidlijn in Amsterdam Noord.

Volgens Rover en de RAR dient dit voornamelijk om met zoveel mogelijk reizigers de exploitatie van de Noord/Zuidlijn te rechtvaardigen zonder voldoende rekening te houden met het belang van de reiziger. Uit diverse onderzoeken en enquêtes is gebleken dat de reiziger extra overstappen niet op prijs stelt, vanwege de te verwachte extra reistijd en extra loopafstanden zowel horizontaal als verticaal, en vanwege het verlies van reiscomfort. Door de beloofde hoge frequentie van de Noord/Zuidlijn verwachten de beleidsvoerders echter dat er voor een groot deel van de reizigers juist tijdwinst te behalen valt, vooral voor reizigers die Noord-Zuid of visa versa reizen.

Nu er sinds oktober 2016 meer duidelijkheid in de plannen van het GVB, Connexxion en EBS gekomen is, heeft de Reizigers Adviesraad RAR, waarin Rover actief deelneemt, adviezen uitgegeven over de (concept) vervoersplannen 2018.

Rover en de RAR hopen dat de vervoersplannen zullen leiden tot veel (nieuwe) en tevreden reizigers met als gevolg een groei in het gebruik van het openbaar vervoer in alle concessiegebieden van de Stadsregio Amsterdam.

Wel hebben beide organisaties vanwege de vele gedwongen overstappen daar veel bedenkingen bij.

Amsterdam

Samen met het GVB vinden Rover en RAR dat de lijnennetvisie (Stadsregio Amsterdam/GVB) geen heilige graal moet zijn, en dat bij voorkomende grote problemen de visie en de verdeling van 70/30 (aantakken/niet aantakken op Noord/Zuidlijn) niet zondermeer gevolgd zou moeten worden.

De kern van de vervoersvisie van de stadsregio is de noord-zuid gerichte vervoersstroom te laten verzorgen door de Noord/Zuidmetro, en de oost-west verbindingen door de tram. Zo ontstaat in het Vervoersplan een grote rol voor de Noord-Zuidlijn. Een belangrijk gevolg hiervan is een forse toename van (gedwongen) overstappen. Reizigers vinden overstappen bezwaarlijk en vooral reizigers met beperkingen, ouderen en mensen met kinderwagens.

In de vervoersplannen wordt nauwelijks aandacht besteed aan passende maatregelen ter verbetering van kwaliteit en comfort van de overstap. Om het overstappen enigszins aanvaardbaar te houden, adviseert de RAR om de frequenties van aansluitende tram-, bus- en metrolijnen meer in lijn te brengen met die van de Noord/Zuidlijn.

Dit laatste geldt vooral voor de toekomstige overstap van de buslijnen in Amsterdam Noord op de Noord/Zuidlijn: Veel reizigers krijgen daardoor een extra overstap naast de overstap op Amsterdam Centraal, en dit betekent reistijdverlies voor de meeste reizigers. De RAR adviseert de frequenties van bus en metro meer op elkaar af te stemmen, en de wijk-ontsluitende buslijnen C en D gedurende de gehele exploitatietijden op alle dagdelen (ook ’s avonds en zondagmorgen) in te zetten, en de wijk Vogelbuurt en de nieuwe wijken Overhoeks en Elzenhagen in het nieuwe lijnennet op te nemen.

De route van tramlijn 14 wordt in zijn huidige vorm grotendeels opgeheven. Het laten vervallen van deze oost-west verbinding vindt de RAR onacceptabel en onbegrijpelijk juist vanwege het voornemen om oost-westverbindingen per tram te versterken. Als alternatief zou een gewijzigde route van de huidige lijn 7 of nieuwe lijn 1A via de Dam een alternatief kunnen zijn. De RAR adviseert herziening van dit zonder aanvaardbaar alternatief vervallen van lijn 14 .

De tramroute over de Witte de Withstraat dient behouden te worden vanwege het bereikbaar houden van de Chasseebuurt. Het verwijderen van de onlangs nieuwe railinfrastructuur is kapitaalvernietiging, en wordt door de RAR afgewezen.

Het advies en de eerdere afspraak om tramlijn 5 blijvend te laten rijden naar het Centraal station via de Rozengracht is niet overwogen. De RAR wil graag weten waarom.

Tot grote verbazing (en ontsteltenis van Rover) is men voornemens om tramlijn 16 in de Lairessestraat te schrappen. Tramlijn 2 (met al opgeheven haltes op de Willemsparkweg) en de tramlijn 24 (momenteel "tijdelijk" opgeheven) voldoen hierbij niet als alternatief, volgens de RAR. De resterende streekbuslijn zullen naar verwachting nooit een volwaardig alternatief zijn wegens routering, ondercapaciteit en ontbrekende tariefintegratie. De RAR adviseert de nieuwe tramlijn 3B te laten rijden door de Lairessestraat met als eindpunt de Olympiaweg.

De RAR adviseert de huidige frequentie van tramlijn 4 te handhaven; een overstap op de Noord/Zuidlijn of Oostlijn heeft te grote loopafstanden tot gevolg en ook de Amstel is een extra barrière. Voorts dient de tram over de Vijzelstraat zijn frequentie van 7,5 minuten te behouden.

Als laatste adviseert de RAR om begin 2019 een evaluatie uit te voeren naar de gevolgen in de lijnbezetting, ervaring en tevredenheid onder de reizigers. Indien reisgedrag afwijkt van de verwachtingen, dan moet flexibele bijsturing mogelijk zijn door o.a. inzet van boventallig materieel en personeel. Dit advies geldt tevens bij de plannen van Connexxion en EBS.

 SAM 3689

Waterland

In de reizigers-enquête van EBS over de invoering van het lijnennet na de komst van de Noord/Zuid lijn gaf 34% aan over te stappen op station Noord (Noord/Zuidlijn); 30% zal in Waterland overstappen op een andere lijn naar Amsterdam Centraal, en 22% geeft zelfs aan serieus te overwegen het OV de rug toe te keren.

Het advies van de RAR was dan ook om tot een betere verdeling te komen, inhoudende:

Naar station Noord (Noord/Zuidlijn): de bussen 305, 306,307, 308, 314, 315, 316 en 319.

Naar Amsterdam Centraal: de bussen 301, 304, 311 en 312.

De RAR (met o.a. leden van Rover) heeft in augustus met EBS en de stadsregio dit alternatief plan besproken met voor de reiziger een evenwichtiger verdeling van 67/33 (aantakken/niet aantakken Noord/Zuidlijn), maar dit plan heeft helaas geen steun gevonden.

De RAR heeft de indruk dat het vullen van de Noord-Zuidlijn meer prioriteit heeft gekregen dan het belang van de reiziger. Het vervoerplan EBS van 2018 staat ver van het reizigersbelang, en heeft geleid tot een afwijzend advies van de RAR.

Zaanstreek

Ook voor de Zaanstreek vinden de RAR en Rover de opgelegde verhouding van 70/30 (aantakken/niet aantakken Noord/Zuidlijn) aanvechtbaar.

De reiziger wil zo min mogelijk overstappen met een zo kort mogelijke wachttijd, waarbij het aansluitend vervoer op tijd dient te rijden. Echter buiten de tijden van 6.00 – 19.00 uur zal de overstap door uiteenlopende frequenties van bus en metro minder aantrekkelijk zijn, en zullen de reizigers het niet prettig vinden om ’s avonds lang op een niet al te druk station Noord te moeten wachten op hun aansluiting. Dit vindt de RAR zorgelijk.

De RAR adviseert Connexxion om in overleg met het GVB te komen tot maatregelen die er voor moeten zorgen dat de aansluitingen in de daluren comfortabel blijven.

De keuze om bussen uit Oostzaan aan te laten takken op de Noord/Zuidlijn, terwijl de lijnen 391 en 394 halteren op station Noorderpark en vervolgens doorrijden naar Amsterdam Centraal, vindt de RAR een logische. Indien de infrastructuur rond het station Noorderpark niet tijdig een snel doorrijden van de bussen kan garanderen, adviseert de RAR om het metrostation niet aan te doen.

© Reizigersvereniging Rover | Afdeling Regio Amsterdam | Contact

Ontwerp en techniek door AlexIT